Het is alweer twee jaar geleden dat het roer om ging in de gemeente Rotterdam. Deelgemeentes werden afgeschaft en in de plaats daarvan werd Rotterdam verdeeld in gebieden die vanuit de stad rechtstreeks bestuurd werden. Omdat de afstand van de Coolsingel tot een bepaald gebied toch wel wat groot kon zijn, werd voor ieder gebied een zogenaamde gebiedscommissie aangesteld. Een groep inwoners van het gebied die de taak kreeg oren en ogen van de wijk te zijn en de Coolsingel gevraagd en ongevraagd te adviseren over wat er zich in het gebied afspeelde en wat naar hun mening de uitwerking van voorgenomen maatregelen voor het gebied zou zijn.
Dat was voor menigeen best een moeilijk verhaal. Wat werd er nu precies bedoeld en in hoeverre week de nieuwe constructie af van die van de vertrouwde deelgemeente? Dat de grenzen van die nieuwe gebieden gewoon samenvielen met die van de vroegere deelgemeente en dat die nieuwe commissies qua grootte niet onderdeden voor een beetje deelraad maakte het zoeken naar de verschillen er niet gemakkelijker op.

De verschillen
Maar die verschillen zijn er wel degelijk, zeggen Jan Pierweijer (voorzitter bewonersorganisatie 110-Morgen) en Ton van Eijsden (secretaris Samenwerkende Bewonersorganisaties “Leven in Schiebroek”). Beiden zitten in de gebiedscommissie Hillegersberg-Schiebroek als vertegenwoordigers van Bewoners!HiS, het samenwerkingsverband van de vijf bewonersorganisaties in het gebied. Met zijn tweeën zijn ze de enigen die niet als vertegenwoordiger van een politieke partij, maar als burgers in die commissie zitten. Eigenlijk was dat oorspronkelijk niet zo bedoeld: door het weghalen van het eigen bestuur van de deelgemeenten hoopte de gemeente rechtstreeks met de bewoners van een gebied te kunnen participeren, zonder een partijpolitieke tussenlaag. Daarom wilde de gemeente oorspronkelijk ook dat alleen burgers in de gebiedscommissie zouden plaatsnemen.
“Dat is in de praktijk niet zo gegaan”, aldus de beide heren. “In heel Rotterdam zitten maar acht tot tien burgers in een gebiedscommissie. De rest is namens een politieke partij aangeschoven. Dat wij hier in de commissie zitten is dus iets heel bijzonders; zeker als je bedenkt dat wij bij de verkiezingen als tweede partij uit de bus kwamen. Een duidelijk bewijs dat de bewoners een burgervertegenwoordiging wel zien zitten.
In heel Rotterdam zitten maar acht tot tien burgers in een gebiedscommissie.
Dat wij in de commissie zitting konden nemen hebben we te danken aan het feit dat we er als bewonersorganisaties (BO’s) samen voor zijn gegaan. Voor de verkiezingen hebben we heel wat telefoontjes gekregen van de pers, maar ook van politieke partijen die vroegen of dat wel kon, met alle BO’s samen. Wat als er tegenstrijdige belangen zijn, riepen ze, of als twee wijken hetzelfde willen terwijl maar één het kan krijgen?!”
Oude politiek
“Dat”, zegt Ton, “was een vraag die heel duidelijk aangaf dat iedereen met zijn denken nog vastzit aan wat we de ‘oude politiek’ noemen. Tegenstrijdige belangen, keuzes voor het één of het ander vragen om beslissingen, bestuurlijke beslissingen. Maar dat mág de gebiedscommissie helemaal niet doen. De commissie mag de beslisser, dat is de gemeente, alleen maar adviseren. En voor dat adviseren moet je volgens ons geen afweging maken van politieke belangen. Het is de bedoeling dat je eerst en vooral kijkt naar wat in het belang is van bewoners. Precies het doel waarvoor bewonersorganisaties worden opgericht en het belang dat alle vijf de organisaties, hoe verschillend ze ook zijn, voor ogen hebben.”
”Dat het zo werkt merken we zelf keer op keer in de commissie”, vult Jan aan. “Wij zijn ieder van een andere bewonersorganisatie, maar we zijn het vrijwel altijd eens. We brengen gewoon de belangen voor alle wijken zo goed mogelijk naar voren en maken geen keuzes ten nadele van deze of gene wijk. Dat soort politieke afweging hoort niet thuis in een gebiedscommissie.
Als je elkaar als BO’s niet in de wielen wilt rijden is overleg, communicatie van groot belang. Het samenwerkingsverband Bewoners!HiS is dan ook na de verkiezingen niet opgeheven, maar veranderd in een maandelijks overleg, waarbij de BO’s informatie uitwisselen over wat belangrijk is voor hun wijk.
Communicatie
“Vast onderdeel van dat overleg”, vervolgt Jan, “is welke zaken uit het gebied onder de aandacht van de commissie gebracht moeten worden. Ander vast onderdeel is informatie van wat wij in de commissie ter beoordeling krijgen en hoe de verzamelde BO’s hier tegenover staan. Dat maakt voor ons, vertegenwoordigers voor alle wijken, dat wij ons in de commissie gesteund voelen door onze achterban in plaats van dat wij maar wat aanmodderen met wat wij tweeën denken dat goed is voor de bewoners.”
Stekker eruit
“We zijn op die manier al twee jaar bezig”, zegt Ton. “Twee jaren die op zijn tijd best moeilijk zijn geweest. Dat lag aan de ongelukkige start van het nieuwe systeem, waardoor nog niet iedereen voor ogen stond wat er verwacht werd en wat er mogelijk was. Op de dag dat de deelgemeente officieel werd opgeheven werd letterlijk de stekker eruit gehaald door de gemeente: telefoon- en internetverbindingen werden verbroken, de kleine ambtenarenstaf die in het voormalige kantoor was gebleven werd compleet afgesneden van de wereld. Omgekeerd kon de wereld in de vorm van de commissieleden het kantoor niet in, we hadden geen sleutel! Er was zoveel omver gegaan door het opheffen van de deelgemeente dat er kennelijk nog geen gedachte was gewijd aan hoe het daarna verder moest. Dat was best wel een beetje komisch, maar het had natuurlijk ook nadelen: niemand legde aan de ambtenaren en aan de commissieleden duidelijk uit hoe het nu verder moest. En als je dan bedenkt dat met het uitplaatsen van bijna alle ambtenaren ook heel veel kennis van het gebied werd uitgeplaatst, dan begrijp je dat het pionieren werd en wielen uitvinden.”
Op de dag dat de deelgemeente officieel werd opgeheven werd letterlijk de stekker eruit gehaald door de gemeente
Nieuwe politiek
“En we zien dat nog steeds: het terugvallen op oude patronen op zijn tijd, menig gebiedscommissielid valt op zijn tijd in de val van de oude politiek, partijbelang in plaats van bewoners. Als het dan op stemmen aan komt blijkt vaak dat de beslissende stem bij ons terechtkomt. Dat is voor ons een extra reden om keer op keer te overwegen wat een beslissing betekent voor bewoners. Daarom organiseren we ook wijkavonden over bepaalde onderwerpen en werkgroepen voor bewoners, de mensen voor wie een bepaalde zaak speelt, degenen om wie het draait. Zodat we weten dat we onze stem uitbrengen voor wat de bewoners willen en niet wat politiek beter uitkomt. En gelukkig krijgen we regelmatig van mensen op de publieke tribune te horen dat ze ook merken dat we er zo in staan en dat ze dat waarderen.”
menig gebiedscommissielid valt op zijn tijd in de val van de oude politiek, partijbelang in plaats van bewoners
“We hopen natuurlijk dat het de komende twee jaar allemaal wat soepeler gaat, dat de neuzen van de commissie steeds meer die ene kant op gaan staan, namelijk die van de bewoners en niet die van het partijbelang. Gelukkig zie je steeds vaker, ook bij degenen die namens een partij in de commissie zitten, dat de ‘nieuwe politiek’ aanspreekt en er op een andere manier naar zaken wordt gekeken.“
“Bij de volgende verkiezingen doet Bewoners!HiS ook zeker weer mee, zeggen beiden enthousiast. “Of wij tweeën of iemand van een andere bewonersorganisatie dan weer in de commissie zitten maakt op zich niet zo veel uit. Voor alle vijf de organisaties is het even belangrijk en waardevol: de kans om op te kunnen komen voor de belangen van alle bewoners in het gebied.”